Mensen vragen wel eens naar je favoriete muziek. Verwonderde blikken duiken op als een twintiger hierbij Pink Floyd noemt. Mijn voorliefde voor oldies en Pink Floyd in het bijzonder impliceert echter niet dat de hedendaagse pop-rock-elektro-rap-dance scene mij niet kan bekoren, verre van zelf. Maar de pure muziek vanaf de jaren 70 blijft er boven uitsteken. De hippie en flower power beweging beleefde  op dat moment zijn hoogdagen, en talrijke bands kenden hier hun ontstaan in. Een gouden muziek tijdperk. Jullie hoeven echter niet te vrezen dat ik morgen met bandana in het haar naar buiten kom, want wat volgt is geen outing van mezelf als verloren gelopen hippie, maar veeleer een discours voor de pure rock-muziek. Je kan het ook bekijken als een indirecte kritiek op de huidige gecommercialiseerde muziek-industrie, waarbij het financiële aspect al te vaak de bovenhand neemt. Verder geen paniek: ik laat m’n vaders olifantenpijpen mooi op zolder liggen, want een pleidooi om Pink Floyd plat te draaien in de boiten over heel het land, is dit allerminst . De schamele dansmoves die ik beheers, bewaar ik net als jullie liever voor een vette Crookers-beat. Pink Floyd’s muziek kan en hoeft trouwens niet uit te pakken met een hoge dansbaarheidsgraad. Getuige hiervan onderstaande video-clip, See Emily Play uit 1967, dat voor hun eerste wereldwijde hit zorgde.

De band geeft het beste van zichzelf in de schaduw van het Atomium. Het lucht-drummen is geboren, evenals een nieuw genre: Psychedelische Rock.

Dat de Engelse band mee aan de basis staat van een van de  grootste verschuiving in de muziekgeschiedenis, valt bijna niet te ontkennen. Hun typische Psychedelische muziek bereikt al snel de overkant van de oceaan en geeft inspiratie voor de ontwikkeling van  onder andere The Doors en The Velvet Underground (groep van Lou Reed). Enkele jaren later blijkt Pink Floyd met Roger Waters, Nick Mason, Richard Wright en Syd Barrett mee aan de wieg gestaan te hebben van de – wat in algemene termen omschreven wordt als – Progressieve Rock. Door de opkomst van de analoge synthesizers en z’n geestverruimende jingles, staat dit genre in schril contrast met wat voorheen gangbaar was.

Niet enkel het gebruik van elektronische muziek is kenmerkend voor deze nieuwe stroming. Ook nieuw was de aandacht voor het groter geheel. Bij het ontwikkelen van nieuwe albums werd voortaan gestreefd naar overkoepelende thema’s waarbij elk lied zorgde voor een opbouw in het grote verhaal. Liederen van meer dan tien minuten zijn geen uitzondering, en songs krijgen een duidelijke opbouw of worden zelfs gespreid over verschillende nummers met fade in/outs. Hiermee werd getracht een idee of boodschap over te brengen aan het publiek. Dit gebeurde niet enkel op basis van de redelijk filosofische songteksten, maar zeker ook aan de hand van vergaande cover-illustraties en spectaculaire visualisaties bij de concerten. Op al deze vlakken kan Pink Floyd gerust als een succesvol pioneer gezien worden. Met twee albums (The Wall en Dark Side Of The Moon) in de top 20 van best verkochte albums, doet Pink Floyd immers evengoed als The Beatles-mania.

Dark Side Of The Moon (1973) betekende voor Pink Floyd de definitieve doorbraak, het album schoot in een mum van tijd naar de hoogste plaats in alle rankings. Enkel Michael Jackson’s Thriller (110 milj expl) is er tot op heden in geslaagd meer albums te verkopen. De plaat behandeld verschillende maatschappelijk thema’s als oorlog, geld, tijd, werkdruk, dood en krankzinnigheid. De songs lopen min of meer in elkaar door en het gebruik van de synthesizer en elektrische gitaar kent in dit album zijn hoogtepunt, wat vaak voor een mooie mix tussen zang en instrumentaliteit zorgt. De meeste songs van dit album dragen een zekere duisterheid met zich mee. Dit brengt in eerste instantie een rustgevend gevoel teweeg en brengt jezelf haast in een trance.
Het volgende album Wish You Where Here (1975) gaat min of meer op hetzelfde elan verder en kan gezien worden als een eerbetoon aan de bezieler van de groep, Syd Barret, die de hoogdagen van zijn groep echter nooit actief heeft kunnen meemaken. Het titelnummer Wish You Where Here is een bundeling van alles waar Pink Floyd voor gekend staat en waaraan het zijn unieke succes aan te danken heeft. Het nummer begint met het zoeken van de juiste frequente op de radio en komt na een kort radiogesprek plots terecht bij het lied. Dit wordt gevolgd door een korte opbouw waarna de meesterlijke, haast poëtische, lyrics het afwisselend van de  gitaren overnemen. Een nummer van meer dan vijf minuten, dat van begin tot eind blijft boeien…enkel Pink Floyd kan dit voor mij waarmaken.

The Wall uit 1979 staat niet enkel gekend om z’n gigantische verkoopcijfers(30miljoen expl), het kan gezien worden als het ultieme totaalconcept van de groep en geeft op sublieme wijze weer hoe vergaand de symboliek achter zulke albums is. Nummers als Another Brick In The Wall, Mother en Comfortably Numb sieren dieze dubbel-LP, dat geïnspireerd is op het leven van frontman Roger Waters. Naast het album werd er een gelijknamige film gedraaid met Bob Geldof in de hoofdrol. Dit ligt volledig in de lijn met het thema van de plaat en vertelt, aan de hand van de songs en schitterende animaties, het verhaal van een jonge rockzanger die steeds meer geïsoleerd raakt van de maatschappij, en een spreekwoordelijke muur rond zich opbouwt. Diezelfde Wall werd tijdens hun live-concerten ook letterlijk opgebouwd tussen de groep en het publiek. Ongetwijfeld een van de meest absurde verwezenlijkingen in de geschiedenis, maar zeer kenmerkend voor Pink Floyd. Bij de val van de Berlijnse Muur in 1989 werd dit succesvol optreden overgedaan in een samenwerking van Roger Waters en enkele andere artiesten. Het concept blijft echter zo sterk dat het binnenkort een nieuw leven wordt ingeblazen met een wellicht laatste wereldtournee van Roger Waters, helaas zonder de andere Pink Floyd leden.

Pink Floyd in zijn geheel was anders ook niet vies van andere spectaculaire concert-concepten. Voor de lasershows van Tommorowland en andere dance-festivals moeten deze oude rakkers zeker niet onderdoen. Ze maakten hier sinds 1970 al gebruik van, en het werd zowat hun handelsmerk, met een hoogtepunt tijdens de P*U*L*S*E tour. Het bleef uiteraard niet bij honderden laserinstallaties: vuurwerk, gigantische opblaasfiguren, stijgende pontons, heliumballonnen en vliegende objecten maken van hun shows een streling voor het oog. In de jaren tachtig werd er uiteraard mee op de kar van de Stadium-Rock gesprongen, maar om de concerten nog extra cachet te geven, realiseerden ze daarnaast unieke optredens in onder andere de binnenstad van Venetië, aan de ruïnes van Pompeii en zelfs in de voortuin van Versaille. Waar de huidige artiesten zichzelf wel eens durven verstikken in het spectakel van hun eigen show, is Pink Floyd er steeds in geslaagd om het muzikale aspect niet uit het oog te verliezen.

Om kort het verloop en de evolutie binnen de groep te schetsen, kan dit best opgedeeld worden in drie tijdperken. Toch bleef het psychedelische en progressieve aspect gedurende dertig jaar in alle veertien studio-albums aanwezig. Naarmate het LSD tijdperk wat gas terugnam – oa na Jim Morrisson’s dood – trad er een duidelijk matiging van het extreme psychedelische in de muziek in. Met die overgang kwam er ook een einde aan het Syd Barrett-tijdperk, in feite de creatieve bezieler van de groep. Deze creativiteit werd echter bekomen door overmatig druggebruik, en  bracht moeilijkheden voor de groep teweeg. Inmiddels was vijfde man, David Gilmour, de band komen vervoegen en drong er zich een noodgedwongen afscheid van Syd Barrett op.
Na zijn vertrek kon de groep zich helemaal ontplooien en sloeg het de internationale weg in met vier monster-albums op zes jaar tijd (Dark Side Of The Moon, Wish You Where Here, Animals en The Wall). Echter na dit laatste album, begonnen er nieuwe spanningen op te treden tussen Roger Waters, die in de afgelopen periode vooral de touwtjes in handen had genomen, en David Gilmour. Onenigheid over welke weg de groep verder zou inslaan, maakte het voor Roger Waters duidelijk dat Pink Floyd voor hem geen toekomst meer bood. Hij perste er  nagenoeg alleen nog een laatste ‘gezamenlijk’ album uit, met The Final Cut als toepasselijke titel. Sindsdien heeft hij zich niet meer ingelaten met de groep en bleef zich nog enkel vastklampen aan het veelzijdige The Wall.
David Gilmoure en de rest van de groep gingen aan een fel verlaagde productiviteit nog een tien jaar verder en brengen nog twee albums uit (Momentary Lapse of Reasen en The Division Bell). Sindien zijn er geen nieuwe nummers of albums van Pink Floyd uitgekomen. De band trad na het vertrek van Waters in 1983 ook nooit meer in zijn geheel op, op het Live-Aid benefiet in 2005 na.

De symbolische, haast filosofische songs maken samen met de onwaarschijnlijke coverillustraties en fenomenale live-concerten van Pink Floyd een band die vele decennia heeft overleeft en nog steeds voor muzikaal genot kan zorgen.

Geef mij maar Bond!

Posted: 11 augustus 2010 in Film & Muziek
Tags:, , ,

Geef mij maar Bond, James Bond. Niemand beter dan deze ouderwetse over-the-top melodramatische held! Overlaatst gaf ik Jack Bauer en z’n reality-show 24 een kans. Z’n heldendaden konden me eerst wel bekoren: als een blok eigenwijs graniet stort Jack zich in de meest uitzichtloze situaties en zet zijn leven op  het spel. Bauers ervaring, techniek en doorzettingsvermogen ‘on the field’ zijn haast onnavolgbaar. Maar op het vlak van vrouwen dient hij dringend in de leer te gaan bij de Ladykiller der Ladykillers – nee, niet Tom Hanks maar Mister Bond. Na het in de steek laten van het brave, welgestelde burgermeisje Kate Warner in het tweede seizoen,  hoefde het voor mij dan ook niet meer. Hopend op een samensmelting tussen Kate en Jack bleef ik echter beklijvend latere seizoenen meepikken. Maar tientallen suggestieve brieven aan de scenaristen in Hollywood later, blijft Jack blind voor prachtvrouw Kate Warner…Tot overmaat van ramp loopt hij in de val van de dochter van de Minister van Defensie – én zus van Peter Crouch. Ik kan er met mijn verstand niet bij. Voor het geld hoeft Jack het nochtans niet te doen. Hij is beste maatjes met de aller-allereerste zwarte president van de USA. En na acht maal de wereld van een ondergang gered te hebben, moet zijn spaarpot toch al goed gevuld zijn.

Geef mij dus maar Bond. Hij zou zich hierin niet laten ringeloren. James doorziet alles, en zeker de venijnigheid van dochters van Ministers van Defensie.  Hij heeft ervaring genoeg. Tweeëntwintig maal de wereld van een ondergang redden, komt in James Bond-termen neer op zesenzestig keer de sluwe streken van de vrouw doorzien. Een echte kenner als je het mij vraagt. Bond wórdt trouwens nooit bedrogen, hij doorziet valsheid op tijd. En als gentleman heeft hij zulks vrouwelijk verraad reeds vergeven nog voor het plaatsvindt. Want hoewel menig mokkel hem reeds heeft willen belazeren, zijn respect voor elke vrouw blijft fenomenaal. Bond beseft – in tegenstelling tot Bauer – echter zeer goed dat er in hun vak geen plaats is voor vrouw en kind. Als Bauer hier geen vrede mee kan nemen,  is het tijd voor een dubbelleven met heldenpakje en/of wapperende cape.

The Man With The Golden Gun doet niet enkel vermoeden dat James zijn pistool bij de vrouwtjes verzilverd, 007 staat op vele vlakken ver boven Jack Bauer en andere wannabe-helden. Jack, neem het van mij aan en probeer eens te genieten van je werk. Neem de tijd voor een flirt met de receptioniste, of een droge martini aan de bar. De terroristen zullen heus niet zonder jou beginnen en het maakt het werk alleen maar aangenamer, ook voor je collega’s!  Je hebt hen al enkele keren KO geslagen om je eigenwijze zin te krijgen, en toch blijven ze steeds in jou geloven. Ze hebben je leven al meermaals gered, maar meer dan een norse “Thanks” kan er niet vanaf. Wees toch niet zo egoïstisch, en geef toe dat je het niet alleen kan redden. Bij jou heiligt het doel de middelen, duidelijk Amerikaans Patriotisme. Moet het altijd zo spectaculair zijn, Jack?  Op technologisch vlak staat Amerika toch zoveel verder dan het kleine Groot-Brittanie. Wees slimmer en sterker dan je tegenstanders, gebruik niet enkel de kracht van geweld. Zorg voor een omgebouwde Chevrolete in plaats van die opvallende hummer-limousines. Koop jezelf een nieuw horloge met  wat bij-de-handse-functies. Zorg voor standaard satelliet-ontvangers in je schoenzolen, een armband met rappelkoord, aanstekers met ingebouwde granaat en een ring met hoge glas-brekende frequentie. Jack, iedereen kan tegenwoordig met een helikopter vliegen. Leer dus duiken, bergbeklimmen, paragliden, skiën, surfen en harpoen-jagen.  En voor je terug de held bij CTU wilt uithangen, leer pokeren. Het zal je nog van pas komen.


Triest nieuws is me ter oren gekomen. Tom Eeckhout en Weronika Bochat hebben besloten een punt achter hun amoureuze relatie te zetten. Twee maanden heeft dit showbizzkoppel het uitgezongen. “De druk van het leven in de spotlights werd hen te groot. Ze besloten om (nog meer) afstand te nemen van elkaar en hebben hun facebook-relatie-status dan ook simultaan aangepast. Tom heeft het momenteel te druk met zijn gitaar”. Zo bracht Tom’s vader het nieuws de wereld in…
Ik heb me echter vanaf het begin van deze prille romance  vragen gesteld over de duurzaamheid en vooral de oprechtheid van Tom in heel dit verhaal. Geef toe, veel rock ‘n’ roll zit er toch niet in onze Belgische trots verscholen. Tenzij er wilde afterparty’s hebben plaatsgevonden in Oslo, zie ik niet in hoe TomTom de weg heeft gevonden naar het hart van deze Poolse schone. Eeckhout lag daar steeds vroeg in bed, voorzien van een Kamillethee en een “Soft Kitty, Warm Kitty“-cassettebandje op het nachtkastje. Dit alles in een ultieme poging om de opkomende baard in de keel te onderdrukken. Nee, heel deze romantische show was van in den beginne opgezet spel om extra publiciteit naar zich toe te trekken. Songfestivals leveren na Dana International in 1998 al lang geen sterren meer op. Tom, je teerlingen zijn wel degelijk geworpen.

Loop er dus allemaal niet zo mee te koop, denk ik dan. Kijk naar Robbie Williams. Trouw een inheemse vrouw, zorg dat ze slechts aanspraak maakt op een marginaal deel van je kapitaal en ga een of andere Boysband vervoegen. Of Tom, neem een voorbeeld aan Bart Gyselinck en Luc Appermont, twee nuchtere zielen waarvan heel Vlaanderen reeds jaar en dag latent op de hoogte was van hun intieme praktijken. Het was voor henzelf al zo vanzelfsprekend geworden, dat Bart zijn mond recentelijk voorbij heeft gepraat. Met de paar duizend euro’s van Story voor een exclusief interview konden beide tortelduifjes het er eens goed van nemen in deze Tien Om Te Zien-arme zomer. Een terechte beloning om er 30 jaar niet mee uit te pakken.

De geloofwaardigheid van Vlaamse tv-sterren en zangers loopt gelijk met hun naam. Luc Appermont is wie hij is. Luc Steeno is – hoewel ik het zelf moeilijk kan geloven – gewoon geboren is als Luc Steeno. Aan de soberheid van de naam herken je een groot artiest.  Zo’n mensen hebben geen artiestennaam nodig om hun marktwaarde zogezegd op te krikken, noch om hun prive-leven af te schermen. De enige persoon die op dit vlak een vrijstelling verdient, is Willy Sommers. Loop maar eens enthousiast het podium op met een naam als Willy De Gieter… Voor de rest is er geen discussie mogelijk. Chantal Verlee, Ik had nog een grotere fan geweest, moest je je niet verschuilen achter Dana Winner. Waarom was Salim Seghers niet tevreden met Jos Aerts? En tja, Jacky Lafon, zelfs mét een klinkende artiestennaam, je zou nog steeds Zatte Rita blijven. Sommige mensen hebben gewoon geen geluk.

Doe dus verder geen moeite, Tom… Jacques Brel, Raymond Van Het Groenewoud, Jan én Jantje Smit, Donaat Deriemaker, Michel Follet en zelfs Loeki Knol namen allemaal vrede met hun eigen naam. Zelfs Tom Waes heeft je  deze zomer al overtroffen in ons Vlaamse medialandschap.  Ik ben benieuwd of je de boel op Werchter ooit plat zal spelen.

Tom Dice:”ik ben ervan overtuigd dat ik de boel daar plat kan spelen”

De Rode Knop

Posted: 8 augustus 2010 in (No) Nonsens

1P.M. Dubbelaflevering How It’s Made op Discovery Channel is gedaan. Frigo openen. Geen zin in tonijnsla, noch in yoghurt met kiwi smaak. Beurscijfers diagonaal doornemen. Haha, Fortis ligt nog steeds onder de 3 euro. Tja, ik heb toch geen aandelen. Interview met Niels Destadsbader in Focus Knack lezen. Geen idee van de inhoud. Gelukkig maar. Rondje door het huis. Kousen aandoen. Frigo openen. Nog steeds geen zin in tonijnsla. Laptop openslaan. De routineuze kliktocht door het platte en voorspelbare cyberland. Een lichte lach door een droge humor post. Helaas, vandaag geen geëmancipeerde tepel van Rihanna te spotten op hln.be. De zigeuners uit Dour trekken eindelijk weg, meldt deredactie. Wikipedia laat weten dat Bryan en Ryan Adams op dezelfde dag verjaren. Leuk weetjes, maar nu ook niets om mee uit te pakken.  De lotto wederom niet gewonnen. Misschien heeft de post wel wat interessants gebracht. Reclamefolders van Makro zijn dringend aan restyling toe. Damn, Visa en Proximus rekeningen…dan toch maar een boterham met tonijnsla en een nieuwe dubbelaflevering van How It’s Made.

Digitale televisie blijkt in de strijd der verveling slechts een oplossing van korte termijn te zijn. Want ook daarmee lopen de heruitzendingen van familie, thuis, blokken of spoed ‘s zomers niet door. De beruchte interactieve rode knop kan zijn hoge verwachtingen vooralsnog niet inlossen. Ik blijf lekker trouw aan zijn kleine broer van het teletekst-netwerk. Altijd paraat om snel en efficiënt te geven wat je wilt. Menig vrouw kan hier nog iets van opsteken. Maar ben ik nu werkelijk de enige met dit vervelend gevoel van zomerse Weltschmerz? Achnee, een huis voor jou alleen, geen zin in drukte, maar toch verveling troef. We maken het allemaal eens mee. Toch lijkt het tijd voor wat leven in de brouwerij!

Misschien zit er binnenkort nog eens een passage aan de karting in. Jezelf voor twintig minuten King of the Road wanen en scheuren over de gladde hangarvloer, adrenaline en trillingen gaan doorheen het hele lijf, achtervolgen en zelf ingehaald worden. Het constante gevaar om, tijdens een felbevochten strijd om de in mijn geval meestal voorlaatste plaats, weg te spinnen en met de neus in de bandenmuur of grindbak terecht te komen (lees: game-over). Het is eens wat anders. Een leuk aspect aan karting is, net zoals bij de seniorenvariant kaarten, het eindeloze  nabespreken van wat elkeen ervaren heeft in zijn eigen race. Onder het moto: “wie niet snel is, moet slim zijn” krijgen talentloze maar pientere zielen zoals mezelf hierbij plots de kans om zichzelf ook eens de stoere raceheld te wanen. De eenvoudige kunst bestaat er in om als eerste snel en vol vertrouwen “Ja zot he, dat was ik!” te repliceren op een in essentie retorische vraag als “Wie was de snelheidsduivel die mij in de tweede ronde als een gek voorbij schoof langs de binnenkant bocht”… Vijf seconden eeuwige roem en licht afgunstige ogen van je concurrenten! De macht der zelfverheerlijking bij anonieme helm-sporten is heerlijk! De confrontatie met de voorlaatste plaats dankzij dat elektronische-rondetijd-metende-chipke wordt van slag bijkomstig en zal me niet ontdoen van mijn imaginaire pitspoezen…

Na zoëven weg te dromen hoeven de zomerse dagen dan toch niet zo somber te zijn. En is er geheel geen sprake van opkomende Weltschmerz.  Morgen gaan we ons weer uitputten op de waterpolo training en achterna meer dan een stevige pint drinken. Overmorgen op sollicitatiegesprek, 10kilo spagettisaus maken en de dag erna een helse fietstocht naar de Belgische kust ondernemen. Blijft er dan wel tijd over voor een dubbelaflevering How It’s Made, vraag ik me nog onnodig af? Wie weet win ik zonder het te beseffen de Lotto en komt mijn Tsjecho-Slovaakse huis-en kuisvrouw dan spontaan de frigo aanvullen met alles behalve tonijnsla.

Voorlopig heb ik de verleiding van die andere onuitputtelijke digitale kanalen kunnen afhouden. Geen Studio100, noch Disney Channel. Geen rode knop, houden zo!